In 2025 is het Zonnelied van Franciscus van Assisi 800 jaar jong. Gedurende deze acht eeuwen heeft het lied een ontelbare schare aan zowel kunstenaars als religieuze zoekers geïnspireerd.

Van het hoge firmament komt het zonnelied via zon, maan, wind, water en vuur, vervolgens terecht bij ‘zuster onze moeder Aarde’. Hij bezingt haar als de moeder ‘die ons voedt en verzorgt’. Daarenboven omringt zij allen die bij haar leven met mooie dingen. Het beeld van Moeder Aarde is zeer oud; nog voordat ze werd beschouwd als godin van de vruchtbaarheid heeft de aarde zich voorgedaan als moeder zonder meer. Franciscus herneemt dit beeld, maar vernieuwt het ook. ‘Zuster onze Moeder Aarde’ zingt hij. De benaming zuster geeft aan dat, ook al is de aarde onze moeder en is ons leven van haar afhankelijk, zij daarmee nog niet de uiteindelijke bron van alle leven is. Ook zij maakt deel uit van de grote familie van de schepselen. De aarde als onze zuster wil zeggen: zij heeft dezelfde oorsprong als wij.
Op zijn sterfbed zingt hij het Zonnelied en spreekt vervolgens deze wens uit: ‘wanneer jullie zien dat het einde nabij is, leg mij dan … naakt op de naakte aarde.’ Zo wil Franciscus ‘naakt met de naakte Christus’ zijn. Met deze strofe over ‘zuster onze Moeder Aarde’ eindigt het loflied van de kosmische elementen.
Foto: Moeder Aarde II, beeld van Anne Deman, Albertpark, Kortrijk, België.
Naar aanleiding van deze verjaardag laten we ons tijdens deze veertigdagentijd leiden door de 10 strofes van dit loflied. Van Aswoensdag tot Pasen leggen we u een strofe voor van het Zonnelied. We maken het even stil en leggen die strofe op ons eigen leven.


“Wees geprezen, mijn Heer, door onze zuster, moeder aarde, die ons, mens en dier voedt met vruchten van bloesemende bomen en groen gras.”
God belooft ons een nieuw begin: hij zal doorheen de woestijn rivieren laten stromen, beekjes laat hij kabbelen doorheen de steppe. Wie dorst heeft, kan zich naar hartenlust laven. Zuster moeder aarde welt op van vreugde en van nieuw leven. Het visioen van deze levensstroom staat haaks op de macabere stroom van afgunst en wraak, van vergelding en deportatie. Woorden in de aarde gekrast: zuster, moeder aarde die weent met de armen en onderdrukten. Een moederlijke, tedere omarming en een uitnodiging om daarin te aarden, wortel te schieten en onze diepe kwetsbaarheid de hand te reiken… Geen stenen hart meer, maar eentje van vlees en bloed!
(Jes 43,16-21; Joh 8,1-11)
Kolet Janssen schreef speciaal voor het jubeljaar een mooie, hedendaagse versie van het Zonnelied.
Zuster, Moeder Aarde
Jouw aarde, onze moeder, voedt ons en al wat leeft.
Alles hangt samen en hoort bij elkaar.
Haar groeikracht priemt door alle kieren.
Zij leert ons volhouden en maakt ons taai.
Mia Dessein hertaalde het Zonnelied in 2018 op pelgrimsreis in haar eigen woorden: haar tekst inspireert vandaag nog steeds.
Zuster, Moeder Aarde
Soms weet ik uw aanwezigheid, God,
in moeder Aarde
in de schoonheid van de schepping
in de rode kleur van de Indische aarde
in de omgewoelde aarde
van mensen die op zoek zijn
in mensen die met beide voeten op de grond
doen wat gedaan moet worden
in mensen die ook in tegenstroom
nieuwe wegen gaan
Lofzang van de Schepselen ‘Het Zonnelied’
Franciscus van Assisi (1225)
De beroemdste componist die zich waagde aan een eigen versie van het Zonnelied is ongetwijfeld Franz Liszt. Hij noemde het zijn lievelingswerk en misschien is dat ook wel de reden waarom hij er twintig jaar aan bleef schaven. Het katholieke geloof zal zijn hele leven een grote rol blijven spelen. Zo is er al van jongsaf een connectie met de franciscanen. Op jonge leeftijd bezoekt Franz enkele malen het franciscanenklooster waar zijn vader ooit twee jaar novice was. Hijzelf wil ook minderbroeder franciscaan worden, maar zijn vader steekt daar een stokje voor. Na een donkere periode in zijn leven treedt hij in 1857 toe tot de derde orde van Franciscus (de huidige Orde van franciscaanse seculieren). Tussen 1853 en 1883 bereidt hij twee grootschalige vocale composities voor, gebaseerd op het Zonnelied van St.-Franciscus. Ze worden ook wel zijn ‘franciscaanse werken’ genoemd. Hij componeert de Cantico de Sol di San Francesco in verschillende versies. De definitieve versie voor bariton, met begeleiding van orkest of piano en orgel, wordt voltooid in 1881. Deze versie vindt u hieronder.
De versie voor pianosolo bleef ongepubliceerd tot 1983. De titel van de pianoversie heeft Liszt afgekort tot Cantico di San Francesco. Ook deze versie vindt u hier. Het stuk is gedeeltelijk gebaseerd op het bekende kerstlied In dulci jubilo (In zoete vreugde).
Het Zonnelied is echt iets aparts onder Liszts latere werken. Het is een lofzang op de vreugde, terwijl composities uit de Romantiek, de stroming waartoe Liszt behoort, zich eerder kenmerken door zwaarte en melancholie.
Het Zonnelied van broeder Frans van Assisi, door Otger Steggink
1 Hoogste, alvermogende, goede Heer,
van Jou zijn de lof, de roem, de eer en alle zegening.
2 Jou alléén, Hoogste, komen ze toe, en geen
mensenkind is waardig Jou bij name te noemen.
3 Wees geloofd, mijn Heer, met al jouw schepselen,
vooral mijn Heer broeder Zon,
die de dag is, en Jij verlicht ons door hem.
4 En hij is mooi en stralend met grote glans,
van Jou, Hoogste, draagt hij het teken.
5 Wees geloofd, mijn Heer door zuster Maan en de Sterren,
aan de hemel heb Jij ze gemaakt: klaar en kostbaar en mooi.
6 Wees geloofd, mijn Heer, door broeder Wind,
en door lucht en wolken en helder en alle weer.
door wie Jij aan je schepselen geeft onderhoud.
7 Wees geloofd, mijn Heer, door zuster Water,
die heel bruikbaar en nederig is, en kostbaar en kuis.
8 Wees geloofd, mijn Heer, door broeder Vuur,
door wie Jij ons verlicht de nacht,
en hij is mooi en speels en robuust en sterk.
9 Wees geloofd, mijn Heer, door zuster onze moeder Aarde,
die ons onderhoudt en verzorgt, en voortbrengt
velerlei vruchten, met kleurige bloemen en groen.
10 Wees geloofd, mijn Heer, door hen die vergeven uit liefde tot Jou,
en ziekte en tegenspoed verduren.
11 Gelukkig zij die het in vrede zullen verdragen,
want door Jou, Hoogste, zullen zij worden gekroond.
12 Wees geloofd, mijn Heer, door onze zuster lichamelijke Dood,
aan wie geen levend mens kan ontkomen.
13 Wee hen die sterven in zonden-ten-dode,
gelukkig zij die zij zal vinden in jouw heiligste wilsbesluiten,
want de tweede dood zal hen geen kwaad doen.
14 Looft en zegent mijn Heer,
en dankt en dient hem in grote deemoed.
(bron: minderbroedersfranciscanen.net – www.siger.org)